Ral 9010

Tot voor kort had ik geen flauw idee wat deze afkorting betekende. Sinds deze zomer weet ik het. Volgens Gerard weet iedereen dat die een beetje klust. Nou ja, ik loop wel vaker achter, maar daar gaat het nu niet om.

Op een dag in de zomervakantie, werd ik onrustig. Het was heerlijk weer en Harderwijk is een leuk stadje, maar ik wilde naar huis.
‘Blijf toch nog hier!’ zeiden een paar tantes van Gerard. ‘Dan ga je lekker fietsen of je komt gezellig nog eens langs’.
Maar nee, ik wilde weg. Gerard deed geen moeite me om te praten en begon vast spullen te pakken. Hij kent me langer dan vandaag…De kinderen vonden het ook prima.
Er was na de verbouwing een heleboel te doen thuis, en ik vond dat ik niet langer kon blijven luieren. Zelfs al was er een hittegolf op komst.

Simon had een soort schema gemaakt van wat er zoal gedaan moest worden. Het stond er heel overzichtelijk: de ene dag dit, de andere dag dat. Plafond en muurtjes sausen, kozijnen schuren en verven, dit alles nog één of twee keer, plintjes zagen, de vloer inwrijven met olie. Tenslotte alles schoonmaken en daarna de boel beneden weer inrichten. Met een week zou het in theorie klaar kunnen zijn.
Tja, zo ging het in de praktijk dus niet!
Zoals het KNMI al had voorspeld: er kwam een hittegolf. De eerste dagen probeerde ik die te negeren en ging gewoon aan de slag. We hadden nog geen stoelen beneden, dus normaal zitten was er niet bij. Gek zeg, dat ik zomaar in slaap viel elke keer als ik even op een tuinstoelkussen lag! Het was 34 graden binnen.
Gerard had zijn conclusies allang getrokken, die begon niet eens met klussen. ‘Veel te warm’, zei hij. Hij ging lekker kruiswoordpuzzels maken of hij lag wat te dommelen.
Soms belde zijn moeder op, om te vragen of het al opschoot.
‘Oh ja’, zei hij dan. ‘Rineke is een beetje aan het verven, en verder doen we rustig aan’.
Ik werd er sacherijnig van. ‘Rustig aan? Ik werk me in het zweet! Jij kunt toch ook best iets doen?!’ mopperde ik.
Maar ergens was ik ook jaloers. Heerlijk als je zo relaxed kunt blijven, terwijl het werk je aan alle kanten aangaapt. Ik kon dat niet. Ik ging door tot ik duizelig werd en me realiseerde dat het inderdaad veel te heet was om te werken.

Het zal niemand verbazen dat ik doodmoe werd en er genoeg van kreeg. Ik klaagde erover tegen een paar vriendinnen.
‘Oh joh, ik kom je morgen wel helpen’, zei er eentje die altijd wel energie over lijkt te hebben.
En dat deed ze. En het leuke was dat Gerard ook in actie kwam, toen ik eindelijk van het toneel was verdwenen. Zodoende had ik op een ochtend twéé mensen tegelijk voor mij bezig, riant!
Evengoed schoten we niet ontzettend snel op, ook niet toen het koeler werd. Want óf ik was fanatiek aan het werk, totdat ik het helemaal zat was. Of Gerard was aan het werk, en die deed het rustig en op zijn manier. Heel vaak maakte hij af waar ik niet meer aan toe kwam, hij werkte zelfs netter en preciezer dan ik!

Maar op een dag lukte het me om een knop om te zetten. Het schema van Simon liet ik voor wat het was (niks mis mee hoor Simon, maar ik moest m’n eigen tempo volgen).
‘We doen gewoon rustig aan,’ hoorde ik mezelf zeggen tegen belangstellende vrienden. ‘Het is ons eigen huis, dus waarom zouden we ons rot werken?’
Ik ging me verdiepen in de verfsoorten en merken, en kocht betere kwasten. Ral 9010 is gebroken wit, voor degene die dat ook niet weet. Omdat er zoveel soorten wit zijn, is daar ooit een code voor verzonnen. Wel zo makkelijk, dacht ik toen ik liep te dwalen in zo’n enorme Doe-het-zelf winkel langs schappen vol verf…Roomwit, gebroken wit, Kenia beige, koffiecreme wit. Een wereld ging voor me open. Ik kocht impulsief de verkeerde soort blauw voor de voordeur (waar we nog lang niet aan toe waren om te doen), rollers voor het plafond (dat er bij nader inzien eigenlijk nog prima uitzag), én een paar blikken Ral 9010.

Nu is het half september en we zijn nog steeds niet klaar. We hebben nog steeds geen bank gekocht, er staat een luie tuinstoel, een tafel, stoelen, twee lege kasten en veel blikken verf in een hoek. Maar het wordt steeds mooier! En we zijn allebei tevreden, dat is ook heel wat waard. Dus gaan we door tot we tevreden zijn. Of…tot we geen zin meer hebben.

Gepubliceerd door Rineke van Eijk - de Muijnck

Hallo, mijn naam is Rineke. Vierendertig jaar getrouwd met Gerard (pseudoniem) en moeder van zes kinderen. Vier van deze kinderen zijn al volwassen en wonen op zichzelf. De jongste twee, allebei pubers, wonen nog thuis. Mijn leven is nooit saai, daar schrijf ik dan ook graag over. Als ervaren moeder twijfel ik regelmatig aan mijn kwaliteiten als opvoeder, maar kan mijn hart ophalen aan twee lieve kleinkinderen. Zoals in elke relatie, hebben wij ups en downs. Ook daar valt het nodige over te schrijven, zeker als eén van de twee te maken krijgt met ernstige ziekte. Last but not least; deze blog ben ik gestart ten tijde van we de corona-crisis. Crisissen gooien het normale leven overhoop, maar bieden ook nieuwe mogelijkheden. Gelukkig ligt die tijd al achter ons. Veel leesplezier gewenst!

Plaats een reactie