Na maanden radiostilte op deze blog, pak ik de laptop er maar weer eens bij. Vroeger zou je zeggen: klim ik weer eens in de pen. Vreemde uitdrukking eigenlijk; hoe kun je in een pen klimmen?! Maar ja, spreekwoorden en gezegden moet je ook niet te letterlijk nemen. Wat betreft de draad oppakken: over wat voor draad hebben we het dan?
Om jullie (en mijn) geheugen even op te frissen, er waren hier al verschillende draadjes die naast elkaar en soms door elkaar liepen. Ons gezin met twee pubers en vier volwassen kinderen, schoolperikelen, mijn nieuwe baan bij mensen met dementie, oppassen op onze kleinzoon (de tweede was nog op komst). Tot zover nog gewone huis-tuin- en keukendingen. Maar toen kwam de ziekte van Gerard erbij, als donderslag bij heldere hemel. Ons leven werd een behoorlijke kluwen, er kwam ineens zoveel extra’s op ons bord!
Ik was altijd gewend om van me af te schrijven in een schriftje of in m’n blogs. Maar het lukte niet meer. De chaos was te groot. Kanker is ook helemaal niet leuk om over te schrijven. Al die nare bijwerkingen, misselijkheid, lamlendigheid… Het werd er thuis een poos niet gezelliger van. Gerard sliep maandenlang in een bed dichtbij de wc, om maar wat te noemen. De kinderen vroegen alles aan mij, ‘want papa was toch te moe’. De oudere kinderen kwamen weinig op bezoek uit angst voor besmetting van Gerard, omdat zijn weerstand minimaal was. Oppassen op kleinkinderen was er ook niet meer bij. Ik regelde alles voor het gezin en werd Gerard z’n mantelzorger. Voor een tijdje was dat prima, maar geleidelijk begon de vermoeidheid toe te slaan. Ik was zo druk, en toch kan ik me nauwelijks herinneren wat ik dan allemaal deed.
Op een dag in januari waren de kuren voorbij. Eigenlijk zou er nog één kuur plaatsvinden, maar die werd Gerard kwijt gescholden. De chemo’s hadden hun werk al gedaan, en anders zou zijn weerstand nog lager worden. Dus ineens was het klaar… Nou ja, klaar. Het klinkt gek, maar het was wennen om niet meer steeds in het ziekenhuis te zitten. Niet dat het leuk was, maar het gaf enig houvast. Nu moest Gerard vooral herstellen. Dat was hard nodig; alle chemokuren en immunotherapie hadden er behoorlijk ingehakt. Tot op heden is Gerard vaak moe en nog niet in staat om te werken. Toch gaat hij goed vooruit. Zijn bloedwaarden zijn “netjes”, wat een belangrijke indicator is voor deze vorm van leukemie. Om de paar maanden wordt dat gecheckt. Verder gaat hij twee keer in de week naar fysiotherapie om aan zijn conditie te werken. Zodat hij er fysiek in elk geval beter aan toe is, als de ziekte terugkomt.
Hoe puzzelden wij de touwtjes weer aan elkaar? Dat vergde wel enige tijd. Sommige taken die ik van Gerard overgenomen had, kon ik meteen loslaten. Zoals het verzorgen van de duifjes, of de afvalcontainers bij de weg zetten. Naarmate hij aansterkte, lukte er steeds meer. De was ophangen, de afwasmachine leeghalen. Koffie zetten werd ook al gauw weer een favoriete bezigheid. 🙂 Sinds kort doen we weer kleine wandelingen samen en pas zijn we ergens koffie gaan drinken. Dat was leuk! En belangrijk om het weer over andere dingen te hebben, ondertussen genietend van de mooie natuur. En al ben ik nu niet meer zijn mantelzorger, fietsen en autorijden zit er voor Gerard nog niet in. Dus ik fiets en rij heel wat af, overal en nergens naar toe. Dat moet dan maar, zolang als het nodig is. Gelukkig is buiten zijn voor mij geen straf, en al helemaal niet in de lente!
Ik ga mijn best doen om de draad van het bloggen weer op te pakken. En nu maar hopen dat ‘ie niet weer in de knoop raakt… 🙂