Twee weken geleden liep ik mee met een ‘Zero Waste Tour’ door ons eigen stadje. Dit was geen protestwandeling tegen verspilling in het algemeen. Daar zou ik me niet voor opgegeven hebben trouwens, want wie trekt zich daar nou wat van aan? De meest vervuilende producenten in elk geval niet… Maar in het klein wil ik best leren hoe ik minder verspillend kan leven met ons gezin. Wij scheiden ons afval netjes en gooien zo min mogelijk eten weg. Maar het is ongelooflijk hoe snel die PMD-zak elke keer weer vol zit met plastic afval!
Gewapend met grote tassen en een stel plastic bakjes (werd aangeraden door de organisatie), meldde ik me die aan dag bij ‘de Tour’. Ik had veel opkomst verwacht, maar er zaten maar vijf mensen aan het tafeltje, waarvan twee van de organisatie. De tafel stond vol met herbruikbare dingen, zoals bamboe bekers, stoffen boterhamzakjes, menstruatiecups, boeken en folders. Eerlijk gezegd wist ik niet waar ik mee moest beginnen. Gelukkig dronken we eerst een kop thee. Na een kort rondje: ‘Wat doe jij al aan het verminderen van plastic afval?’ gingen we naar buiten. De gids, Marijke, zou ons meenemen langs marktkramen en winkels die ook meedoen aan Zero Waste. Ik was benieuwd!
Eerst gingen we naar de markt. Niet zo verrassend, volgens mij vindt elke groenteboer het prima als je je eigen tassen bij je hebt. Maar Marijke liet ons ook een brood-en banketkraam zien, waar je losse broodjes in je eigen een stoffen zak kon laten doen. ‘Deze kraam heeft daar helemaal geen moeite mee’, zei ze. Volgens mij hadden ze ook helemaal geen moeite met voorverpakte cake en koekjes! Het rook er zo heerlijk, dat ik er bijna wat van kocht. Maar ik hield me in.
De volgende stop was bij de biologische markt. Dat leek mij meer het echte werk. Bij één kraam stonden een heleboel streekproducten. Eigenlijk ook niet nieuw voor mij. We drinken al jaren melk van koeien uit de streek, kopen daar ook boter, kaas, aardappelen en zelfs appelsap van bomen uit de regio. Maar tussen het aanbod verse groenten zag ik ook een bak gemengde sla. ‘Gisteren vers geplukt van het land. Na een week bewaren in de koelkast nog steeds lekker!’ zei de verkoper. Dat leek me wel wat, want hoe vaak had ik al halve zakjes ijsbergsla weggegooid, omdat die na een paar dagen verrot waren?!

We liepen verder naar een snoepwinkel. ‘Kijk, hier kun je niet alleen zelf snoep scheppen, maar het ook in je eigen zak doen.’ zei Marijke. Dat kun je op twee manieren uitleggen, peinsde ik. Maar ze bedoelde natuurlijk weer in zo’n stoffen zak. De dames aan de kassa keken een beetje vreemd naar het vale katoenen zakje, maar ze rekenden gewoon af. Ik kocht niets. Eigenlijk vind ik dat ik sowieso te veel drop eet. Laat ik het dus maar niet aantrekkelijker maken voor mezelf, met zo’n verantwoorde verpakking.
Marijke wees een kruidenwinkel aan, liep met ons een overvolle drogisterij binnen waar ze rechtstreeks naar het schap liep met flesjes tandpasta tabletjes. Ondertussen babbelde ze over hoe zij boodschappen deed. Kleren alleen tweedehands, brood van 4 euro alleen bij die en die winkel, op zaterdag voorraden groenten inslaan die ze dan later ging verwerken en invriezen (‘Moet je vooral heel vroeg gaan of woensdag tussen 9 en 10’). Enzovoorts.
Ik werd er een beetje moe van. Ik wilde best mijn steentje bijdragen aan het verminderen van de afvalberg, maar hoe dan? Ik zag mezelf al door de stad lopen met zo’n rieten mand als Roodkapje, op zoek naar dat ene stevige brood, potjes kruiden, dure biologische groenten in plaats van goedkope aanbiedingen uit de supermarkt… niet dus.
Ik zei heel eerlijk dat ik hoofdpijn begon te krijgen van alle informatie. Dat hielp. ‘Nog één winkel, die is zo leuk! Als je daar eenmaal geweest bent, dan ben je verkocht!’ zei onze gids vrolijk. Ik had geen idee wat er zo geweldig aan die winkel kon zijn, maar vooruit.

Zal ik de afloop maar vast verklappen? Ze kreeg gelijk! Ik keek m’n ogen uit. Zo groot was het winkeltje niet en aan de buitenkant zou je er zo langs lopen. Maar elk schap was het bekijken waard. Hier kon je olie tappen uit grote flessen, hier stonden tankjes waspoeder en schoonmaakmiddelen die je kon vullen in je eigen flessen. Ze hadden tig losse theesoorten, koffie die je kon malen en in eigen zakjes kon doen, zelfgegoten kaarsen, thee-eieren in soorten en maten. Het mooiste vond ik echter een stoffen koffiefilterzakje. Of nee, het ecologische schuursponsje! Wat een vondst! Gemaakt van gedroogd gras uit het Middellandse Zeegebied en 100 % composteerbaar. De anderen van m’n groepje stonden inmiddels al lang buiten, terwijl ik nog liep te snuffelen naar andere leuke koopjes.
Eenmaal thuis ben ik gauw mijn kastjes gaan inspecteren. Tot mijn schande vond ik zes zakjes losse thee, ver weggestopt achter de vele kant- en klaar doosjes die ik altijd koop. Ik ben ze gauw weer gaan gebruiken, alhoewel ik de kant -en klare thee ook nog opmaak natuurlijk. En wat hadden we toch een voorraad schoonmaakmiddelen!
Mijn conclusie na de Zero Waste Tour, hoe ik minder afval kan achterlaten? Door daar dingen te kopen waar ik er plezier in heb! En ook door dingen te gebruiken die ik al in huis heb. Niet precies nadoen wat anderen doen, maar zelf kleine stapjes zetten. Met een pluim naar de organisatie van de Zero Waste Tour! En nu maar volhouden met mijn losse thee, katoenen koffiefilters en ecologische schuursponsje.
Wat een goed initiatief. Waar is dat winkeltje … daar word ik helemaal blij van.
LikeGeliked door 1 persoon
In Wageningen! Als je nog meer info wilt, moet je maar even mailen.
LikeLike