Hoogteziekte

De eerste wandeling met z’n vieren was niet zo’n succes. Ik had de route die middag zelf al gelopen, het was niet heel moeilijk. Een stukje langs de doorgaande weg, een stuk langs slinger weggetjes die steil omhoog liepen, en een bankje tussendoor om uit te rusten. Dat moest lukken met onze beginnende wandelaars. We vertrokken vroeg in de avond toen de ergste warmte voorbij was. Stevige schoenen aan, flesjes water mee. Maarten en Janine liepen in lekker tempo voorop, en wij er achteraan.

Twintig minuten later hadden we al een leuk uitzichtpunt bereikt, maar de weg liep nog verder omhoog. Gerard en ik wilden graag nòg een stukje lopen, maar de kinderen hadden geen zin meer. We spraken af dat wij iets verder zouden gaan en dat zij op ons zouden wachten. Ze hadden hun mobieltjes bij zich, dus ze zouden zich wel even vermaken. Gerard en ik genoten van de vergezichten. Het was prachtig zo met dat avondlicht, en het was zo rustig! Er viel een heleboel te fotograferen. Jammer dat de kinderen het zo snel zat waren.

Niet veel later belde Janine ons op. ‘Komen jullie al, het duurt zo lang!’ ‘Nou, dat viel in mijn ogen best mee. Zij hadden mooi op adem kunnen komen in de tussentijd en wij niet. Maar goed, we zouden een andere keer wel verder lopen. Dus gingen we terug en begonnen samen de afdaling. En toen ineens werd Maarten niet goed. ‘Ik heb buikpijn’, klaagde hij. Dat gebeurt wel vaker maar deze keer ging het niet over. ‘Ik voel me niet lekker…’ steunde hij even later, en toen keken we pas goed. Wat zag hij er beroerd uit! Lijkwit alsof hij wagenziek was, hij kon amper nog op zijn benen staan. Wat had hij nou ineens?

Gerard is op zulke momenten altijd een rots in de branding. Hij zocht een rustig plekje in de berm, waar Maarten even kon liggen. Janine en ik liepen een klein eindje verder, om af te wachten. Ik was niet blij, zacht uitgedrukt. Mijn gedachten gingen alle kanten op. Moesten we de auto halen om Maarten naar ons huisje te brengen? Nee, dan zou hij nog misselijker worden met al die haarspeldbochten. Moesten we een dokter bellen? Nee, zo erg was het nou ook weer niet. Konden zijn niet zo sterke longen niet tegen de frisse berglucht? Ik zuchtte diep, hadden we daar dan 800 kilometer voor gereden? Of had hij spontaan last van hoogteziekte? Daar worden mensen ook ziek van, had ik weleens gehoord. Dat zou ook niet best zijn, wat kon je daaraan doen?

Net toen ik hopeloos door mijn eigen gepieker een schietgebedje begon, kwamen Gerard en Maarten eraan. Maarten hing half op Gerard, maar hij liep in elk geval weer. Hij zag nog steeds bleek, maar het ergste was kennelijk voorbij. We hebben met z’n vieren nog een poos op een bank gezeten, totdat Maarten weer in staat om rustig terug te lopen. Pfff… Eenmaal terug bij ons huisje had hij weer praatjes en de verdere avond was er niets meer aan de hand. Heel apart.

De volgende ochtend voelde hij zich nog steeds prima. Ik stelde de kinderen voor om naar het dorpje te lopen om boodschappen te halen. ‘Okay”, zeiden ze. Hoe ver het precies was, dat wist ik niet. Maar het leek me goed om hun benen te laten wennen aan de bergweggetjes. Gerard bleef thuis om even rust te hebben.

Na nog geen tien minuten begon Janine te klagen… ze had buikpijn en was een beetje misselijk…wat nu weer? Weer een gevalletje hoogteziekte??? Ik dacht na. Ze zag er niet heel ziek uit, en ik had geen zin om weer een half uur langs de kant van de weg te zitten. Dus toen zij vol bleef houden dat het echt niet ging, belde ik Gerard op. Als hij haar tegemoet liep vanuit het huisje, dan konden Maarten en ik weer verder. Janine knapte meteen op van het idee dat ze niet mee boodschappen hoefde te doen. Het dorpje bleek overigens helemaal niet ver weg te liggen, dus dat viel ook weer mee. De enige die niet zo blij was die morgen, was Gerard. Hij had nu maar amper tijd voor zichzelf gehad…

Pas op de vierde dag lukte het om echt een flink eind te wandelen met z’n vieren. Niemand had nog last van hoogteziekte. Wel van dorst en moeie voeten, maar dat is weer een ander verhaal.

Gepubliceerd door Rineke van Eijk - de Muijnck

Hallo, mijn naam is Rineke. Vierendertig jaar getrouwd met Gerard (pseudoniem) en moeder van zes kinderen. Vier van deze kinderen zijn al volwassen en wonen op zichzelf. De jongste twee, allebei pubers, wonen nog thuis. Mijn leven is nooit saai, daar schrijf ik dan ook graag over. Als ervaren moeder twijfel ik regelmatig aan mijn kwaliteiten als opvoeder, maar kan mijn hart ophalen aan twee lieve kleinkinderen. Zoals in elke relatie, hebben wij ups en downs. Ook daar valt het nodige over te schrijven, zeker als eén van de twee te maken krijgt met ernstige ziekte. Last but not least; deze blog ben ik gestart ten tijde van we de corona-crisis. Crisissen gooien het normale leven overhoop, maar bieden ook nieuwe mogelijkheden. Gelukkig ligt die tijd al achter ons. Veel leesplezier gewenst!

Eén opmerking over 'Hoogteziekte'

Plaats een reactie