‘Hebben jullie ook zo lekker geslapen?’ vraag ik de kinderen aan het ontbijt.
‘Mmm’, mompelen ze instemmend.
Het is dinsdag, de zon straalt en het belooft een prima dag te worden. Zo moe en mat als ik gisteren was, zo energiek voel ik me vandaag. Dat komt goed uit, want ik wil heel veel doen. Ik kan niet eens blijven zitten onder het eten, de was van gisteren moet NU van het wasrek! Dan die boterham al doende maar naar binnen proppen.
De kinderen moeten allebei thuis werken voor school. De één begint al zuchtend achter de laptop, de ander trekt zich tactisch terug op haar slaapkamer. Met een mobieltje wel te verstaan, niet met schoolwerk.
Ondertussen maak ik plannen voor wat ik ga doen. De diepvries ontdooien, de afwasmachine leeghalen, de was, misschien de wc’s nog even een beurtje geven…
Laat ik beginnen met de diepvries, besluit ik. Ik haal de stekker uit het stopcontact en trek de onderst la eruit. Oh wacht, de koelbox staat nog op zolder. Gauw naar boven om die te halen. Daar kan mooi een hoop bevroren spul in. De koelbox is nieuw, de vorige begaf het afgelopen zomervakantie. Waar zit het snoer toch van dit geval?
Na even zoeken vind ik ‘m onder een rond dekseltje. Mooi zo. Snel steek ik de stekker in het stopcontact. Hij ruikt anders dan de oude, valt me al gauw op.
Ik haal de andere lades leeg en zet de deur van de diepvries wijd open. Intussen kook ik water, verdeel dat over 2 pannen en zet die in de diepvries. Zo wordt ontdooien een koud kunstje.
Het werd ook weleens tijd zeg, gezien de dikke lagen ijs. De vorige keer dat ‘ie ontdooid werd, was in de zomer van 2019 tijdens een hittegolf. 38 graden werd het hier toen maar liefst! Prima temperatuur om de diepvries te ontdooien.
Ondertussen zet ik koffie, schenk limonade in voor de kinderen, doe een kwartier mee met het tv-programma Gelderland in Beweging, en hou mijn appjes bij.
Koffietijd. Niet langer dan 10 minuten zitten, want de diepvries wacht. Dikke brokken ijs vallen naar beneden en er ligt al een plas dooiwater op de vloer. Oei, gauw opdweilen.
In de tussentijd zet ik mijn dochter aan haar huiswerk. Ze heeft er geen zin in vandaag, dat is duidelijk. Er wordt meer getekend dan gerekend. Zal ik er een half uurtje naast gaan zitten, om haar op gang te houden? Maar daar heb ik toch helemaal geen tijd voor!
Een poosje later komt Gerard naar beneden. Hij heeft nachtdienst gehad en daarna zo’n vier-en-een half uur geslapen. Toch ziet hij er behoorlijk fris en monter uit. Ongelooflijk, mij zou je bij elkaar kunnen vegen na zo’n actie! Waar haalt hij de energie vandaan, denk ik jaloers.
Ik zorg voor nog een rondje koffie, koek en limonade, en ga verder in de keuken. Het is veel werk, het valt me tegen.
Na een kwartier komt Gerard weer binnen. ‘Gezellig koffie drinken was dat met jou,’ zegt hij een beetje sarcastisch. Ik sta net te bedenken of ik een bevroren kerstbrood nou wel of niet weer in zal vriezen. ‘Ja hè’, antwoord ik vaag. Ik voel me een beetje moe en het tempo zakt af. Als ik voor de vierde keer iets op de grond laat vallen, zucht ik diep.
‘Sjonge, wat doe je toch allemaal?,’ merkt Gerard op. ‘Zou je niet eens even stoppen?’
‘Bijna, ik ben zo klaar,’ roep ik terug. Ik wil de keukenvloer nog even dweilen, maar vóór ik dat gedaan heb, moet ik wel eerst de tafel dekken. Anders lopen de kinderen meteen weer over mijn schone vloer, en dat is zonde van de moeite. Dus boen ik door, totdat ik alweer iets laat omvallen…
‘Kap nou eens!’ roept Gerard ongeduldig vanaf de bank.
Ik voel me betrapt… Eén van mijn therapeuten had hem een jaar geleden al opdracht gegeven om me af te remmen, als ik grenzeloos doorga. Kan ik nou nóg niet zelf voelen wanneer het genoeg is?
Uiteindelijk is de diepvries schoon, de koelbox weer op zolder en de tafel gedekt. En ik weet waar die rare lucht vandaan komt, die we de hele tijd roken. Tegelijk met de koelbox had ik het tosti ijzer aan gezet, en daar zaten nog 2 broodjes in… Die zijn nu helemaal zwart dus, dom dom dom!
Gelukkig verzint Gerard er nog een bestemming voor in de tuin. Mijn man is echt waanzinnig inventief. Hij heeft zoveel oog voor detail, bijna alles wat een ander weg zou gooien, is voor hem nog bruikbaar. Theezakjes, koffieprut, eierdozen, pallets… Zelfs brandnetels mogen van hem in ons tuintje blijven staan om de biodiversiteit te vergroten.
Maar goed, voor mij is het tijd voor pauze en lunch. Al kauwend denk ik aan wat ik die middag zal doen. Waar heb ik zin in? De was strijken, een eindje wandelen, een kast op zolder opruimen?
Wat ben ik toch onrustig vandaag, peins ik. Ik kan bijna niet stoppen; wat is er toch?
Ik weet het antwoord best. Nee, ik heb geen ADHD, ook al lijkt het er soms op. Ik ben aan het herstellen van een eetstoornis, en morgen moet ik weer naar therapie. Bovendien moet ik daar op de weegschaal, daar zie ik nu al tegenop! Want misschien ben ik wel aangekomen… en dat is eng. Al is dat in mijn geval ook juist de bedoeling, mijn hoofd sputtert nog tegen.
Die middag doe ik niet zo veel. Ja, wat schrijven, thee drinken en vervolgens in slaap vallen. Blijkbaar is dat wat ik nodig had. Ben ik toch nog goed bezig op deze dinsdag doe toch eens even niet zo druk-dag!


